VERSLAGEN SEIZOEN 2002






Inhoud

INTRO

Vlaanderen, het weekend van 3, 4 en 5 mei.
Zo vroeg in het tuinseizoen drie dagen tuinen/cultuur vice versa Brussel, het is de weergoden verzoeken. Maar alleen dié paar dagen in april/mei laat de koninklijke familie in België jaarlijks pottenkijkers toe in hun serres bij het paleis. Geweldig grote potten met de meest indrukwekkende planten en immens veel meer viel te bewonderen in die uitgestrekte serres. Vandaar de keuze voor dit uitgangspunt, die hoofdstad van Europa en die meestal grote tuinen die om hun structuur en lentekleed dan op hun mooist zijn. Het werd een heerlijke reis ondanks de regen die de laatste dag, gelukkig zonder kou en wind, zachtjes maar wel onophoudelijk op onze paraplu's neerdaalde. "Dat geeft alles nog extra glans", werd gezegd. U leest van die dagen hieronder het verslag.

Enschede "De Eekhof", vrijdagmiddag 17 mei.
Een heel ontspannen wandeling waar we allen zeer aandachtig onze rondleider Paul van Tongeren op de voet volgden door het steeds wisselende landschap van het landgoed. Na afloop werd op het zonnige terras van 'De Broeierd' heerlijk uitgerust.

Giethoorn en de Noordoostpolder, woensdag 12 juni.
Het bleek een uitgelezen dag, vroeg uit, laat thuis, waarin we op de uitnodiging van Piet Boersma ingingen en de mooiste tuinen van "zijn" polder bezochten na een wandeling door verstild Giethoorn. Daarna dineerden we in Urk aan het water.

Euregiotocht, vrijdag 28 juni.
Al voorbereidend en voorbezoekend stel je je altijd het resultaat van een tocht voor: een blij gezelschap in lichte, zonnige omstandigheden. De werkelijkheid kan, zoals we zagen tijdens de tweede helft van de morgen, soms anders uitvallen: een geweldige bui waardoor het halve gezelschap buiten in de tuin van Lucie weer naar binnen vluchtte.
Bij Maria Leuschner klaarde het langzaam op en het bleef droog toen we huis Welbergen en de Alter Posthof bezochten en ook in de tuin van Maria Wessel maar o, in de Kreislehrgarten, wat nat.
Al zagen enkelen er na Boomkamps tuinen uit als verzopen katten: het gezelschap bleef opgewekt tot en met het heerlijke buffet. Wat een bijzondere wandeling tenslotte door de nadruipende lege tuinen met die enkele nablijvers!

Het bollencabaret van Rita v/d Zalm, zaterdag 7 september.
Een ongelooflijk geestige lezing met dia's, zoals ze die zelf noemt: "een bollencabaret" over "welke bollen waar het hele jaar en hoe..".
Rita is een bloembollendeskundige bij uitstek. Zie het blad "Onze Eigen Tuin", haar twee-wekelijkse columns in "Trouw" en haar boek "Bloembollen, een liefde voor het leven".
Na de lezing was er een superbollenverkoop uit haar kwekerij bij Lisse en kon men de bollen meteen meenemen en/of bestellen voor bloei in 2003!

Zonder de zes mensen die de verslagen schreven, geen verslagen en zonder al die anderen die als telefonisten, briefbezorgers en mededenkers en -werkers functioneerden, geen Tuinkring Twente. En helemaal niet zonder al diegenen die deelnamen aan de uitstapjes. Bedankt allemaal!
Toch zijn er die, door meestal vervelende omstandigheden, moesten annuleren of door voor hen slecht gekozen data helemaal niet meekonden. Ook voor hen is het toch plezierig even mee te beleven wat er is geweest en je zo te kunnen verheugen op en in te schrijven voor het nieuwe seizoen? Doen!
Bedankt allemaal! Hopelijk zien we elkaar onder even plezierige omstandigheden terug in 2003!.
Graag tot dan!

Ook namens alle medewerkers:
Lindy van Wezel, 053 5722417.

Inhoudsopgave

VLAANDEREN.

DE EERSTE DAG.
vrijdag 3 mei 2002
Verslag: Erik Eertink, Boekelo.

Vandaag stappen Gerdy en ik, sinds kort lid van Tuinkring Twente, vol verwachting van wat komen gaat, in de bus die al met draaiende motor klaarstaat in Haaksbergen.
Om 7.37 uur vertrekken we richting Zevenaar waar we een eerste koffiestop zullen maken. Onderweg daar naar toe krijgen we na een inleiding van Lindy de deelnemerslijst en het programma van onze reis uitgereikt. Het programmaboekje ziet er prachtig uit! Is het een voorbode van wat ons te wachten staat?

Om de reistijd tussen Zevenaar en Oosterhout, waar een korte plasstop zal worden gemaakt, te bekorten vertelt Wim ons vast het een en ander over de geschiedenis en de opbouw van de koninklijke serres in Laken, die we de volgende dag zullen bezoeken. Hij heeft zijn huiswerk via internet en andere informatiebronnen uitstekend gedaan en houdt een prima en boeiend verhaal.

Onze eerste tuinstop is in Essen bij het Hemelrijk. Daar worden we in twee groepen verdeeld en gaan op stap. De toegemeten tijd blijkt helaas te kort om dat te laten zien wat er eigenlijk allemaal te bekijken is. Ook onze enthousiaste rondleidsters betreuren dat. Zeer bijzonder is de ontmoeting met mevrouw Jelena de Belder (op de foto -> in gesprek met Lindy) bij haar woning op haar fraaie landgoed. Zij kwam destijds naar het arboretum in Kalmthout om daar een bloeiende stewartia te zien, ontmoette daar haar toekomstige echtgenoot en nu hebben wij deze bijzondere, nu nog niet bloeiende, boom op haar eigen landgoed kunnen bekijken. Na onze rondgang lopen we naar het naastgelegen restaurant 'De Kiekenhoeve' om daar te genieten van een soepje en een kop koffie. Helaas, en zeker voor Lindy, bleek de bestelling niet doorgegeven...... er is geen soep voor ons, wel koffie!

Stipt op tijd, zoals overigens ook de rest van de reis het geval is, vertrekken we naar ons volgende adres: de tuin van mevrouw Frida van Glabbeek in Kapellen. In ons programmaboekje stond al het een en ander over de tuin en de hobby‘s van de bezitters. Ik vind dit een schitterend aangelegde tuin met allerlei verrassende hoekjes, fraaie doorkijkjes, mooie en soms grappige vormsnoei. Voeg daarbij de verhalen van een bijzonder enthousiaste eigenaresse en ook van haar man niet te vergeten. Daardoor krijgt deze tuin, voor mij althans, iets zeer bijzonders.

Op naar ons volgende doel: het kasteel en de tuin van 's-Gravenwezel. We kunnen het kasteel niet in, aangezien er een congres wordt gehouden. Er staan echter buiten genoeg antiquiteiten en door de ramen van het kasteel is ook een en ander te zien, zodat we ons toch wel een voorstelling kunnen maken van wat er allemaal binnen te zien zou zijn.
Degene die ons rondleidt, is nog maar een maand in dienst en kan ons daardoor niet alles wat we willen weten vertellen, maar zijn enthousiasme maakt veel goed. Het is heel erg bijzonder dat we op dit fraaie domein met zijn formele tuinen en een zeer uitgestrekt landschapspark kunnen rondwandelen, aangezien het geheel maar heel beperkt opengesteld is. Dit park is bijvoorbeeld deze zomer alleen op 31 mei, 1 en 2 juni voor het publiek geopend. Hulde voor Lindy, die dit dank zij al haar connecties toch maar weer allemaal voor elkaar kreeg!

Tot slot van deze dag naar onze thuisbasis in Brussel: het NH Atlanta Hotel, waar we om ongeveer 20.30 uur aankomen. Na ons diner zijn we zo vermoeid van deze eerste dag, dat verreweg de meesten al snel na de maaltijd hun kamers en dus hun voortreffelijke bed, opzoeken, en het Brusselse nachtleven laten voor wat het is.


DE TWEEDE DAG.
zaterdag 4 mei 2002
Verslag: Nanneke Dam, Haaksbergen.

Vandaag hebben we tot 12.30 vrij om op ons eigen houtje Brussel te verkennen. Na een goede nachtrust en een heel uitgebreid ontbijt zijn we met ons zessen (Carla, Marion, Ali, Rini, Rita en Nanneke) Brussel ingegaan. Omdat we geen doel voor ogen hadden zijn we naar de Grote Markt gelopen. De vele oude gevels waren prachtig om te zien. Er was een bloemenmarktje waar we natuurlijk even langs zijn gelopen. Als echte Hollanders constateerden we dat de planten niet duur waren en kochten vervolgens niets.

Helaas was het gaan regenen. We zijn daarom naar de Koninginnegalerij gegaan. Dit is een heel mooie overdekte winkelgalerij. Al slenterend hebben we etalages bekeken. Omdat we niet zoveel tijd meer hadden, besloten we niet te ver af te dwalen en zijn lekker koffie gaan drinken in een café aan de Grote Markt. Daar troffen we een stel reisgenoten, die ons vertelden dat Manneken Pis vandaag speciaal voor ons in het oranje was gestoken. Dat wilden we natuurlijk niet missen. Het Manneke had inderdaad een knal oranje pakje aan (toch aardig van die Belgen!).
Inmiddels was het de hoogste tijd om terug te gaan naar het hotel. Op de terugweg snel nog even Belgische bonbons gekocht. Van de vorige Vlaanderenreis wisten we, in verband met het zeer strakke en overvolle programma, hoe belangrijk het is op tijd te zijn. Dus waren we keurig op tijd bij het Hotel.

Precies om 12.30 u. vertrokken we met de bus naar het Museum 'David en Alice van Buuren'. Het echtpaar van Buuren heeft tijdens zijn leven vele kunstwerken verzameld. Het huis met inboedel en de tuin zijn sinds 1970 in handen van een Stichting met als doel al dit moois ongewijzigd in stand te houden. Het huis is gebouwd in de Hollandse Stijl. Het interieur is prachtig ingericht en gedecoreerd in de Art-deco stijl. Het straalt echt de sfeer van de dertiger jaren uit; heel bijzonder.
De verschillende tuinen zijn in etages aangelegd. Er is o.a. een tuin met daarin een kabbelend beekje, een labyrint van taxus, een door taxus-zuilen omzoomd tuintje met buxushaagjes in de vorm van hartjes en helemaal aan het einde een landschapstuin in het klein.

De volgende bestemming was de Koninklijke Serres te Laken (foto ^ en ->).
Lindy had het bezoek bewust aan het einde van de middag gepland, want dan was het niet meer zo druk. Nou ze had gelijk, we konden meteen doorlopen bij de kassa. Het enorme serre-complex vond ik heel indrukwekkend. Vooral de gangen die de serres onderling verbinden vond ik prachtig.
Ze waren geheel begroeid met geraniums en fuchsia‘s. Omdat we na het bezoek aan de serres nog tijd over hadden, werden we nog verrast met een bezoekje aan het parkje 'De Kleine Zavel' in Brussel. Omdat bij een deel van het reisgezelschap de vermoeidheid had toegeslagen kon niet iedereen (waaronder ik) de moed opbrengen uit de bus te stappen maar vanuit de bus hebben we toch een glimp opgevangen van perkjes van vergeetmenietjes met roze tulpen omrand door buxuxhaagjes en klimopmuren.

Het laatste onderdeel van het programma is het diner. Dit werd geserveerd in 'La Grande Écluse'. Dit restaurant is gevestigd in het gebouw van de vroegere grote sluis in de rivier de Senne. Het eten was eenvoudig en smakelijk. Ik vond het alleen jammer dat het bedienend personeel niet zo vriendelijk was.

Moe, maar voldaan keren we omstreeks 21.00 uur terug in het hotel. De harde kern van het gezelschap is Brussel nog even onveilig gaan maken. Voor mij is de pijp leeg. Ik ga dan ook lekker op tijd slapen, want morgen wacht ons weer een druk programma.
Ik heb er zin in!


DE DERDE DAG.
zondag 5 mei 2002
Verslag: Roelie Briggeman, Haaksbergen.

Na een onrustig vertrek vanuit Brussel ging de bus richting de 'moestuin van Wespelaar'. Hier aangekomen werd de groep in tweeën gesplitst en werden we door enthousiaste en zeer deskundige gidsen door de tuinen/parken geleid. De twee hectare grote vroegere moestuin is veranderd in een prachtige groene oase van rust. Prachtig vormgegeven en met waterpartijtjes tot een rustiek geheel samengesmeed. Door de strakke vormgeving en antieke ornamenten waande je je even in Italië. De weersomstandigheden maakten echter dat je rap weer met de beide benen op de Belgische grond stond! Iemand uit het gezelschap maakte de opmerking dat België een schoon land is, maar er zou een 'dakske' op moeten zitten.

Vanuit de moestuin ging de groep al 'soppend' wandelend richting het domein Herkenrode. De prachtige bomen en struiken met hun prille voorjaarskleed maakten een overweldigende indruk. Het was bijna niet te bevatten dat je door een privé-collectie wandelde die bestaat uit 5000 bomen en struiken van meer dan 2.300 variëteiten. Al wandelend door het park kwam je bij de vijver met een eiland in het midden (<- foto). Dit eiland kon je bereiken via een oude smeed-ijzeren brug uit 1930. Het was fantastisch om te zien met welk een enorme toewijding de eigenaars deze tuin onderhouden, maar laten we wel realistisch blijven; je zal toch ook over de nodige frankskes moeten beschikken om zoiets te creëren en in stand te houden.

Om ongeveer 12 uur stapten we zeer onder de indruk van al dat moois in de bus om te vertrekken naar onze volgende stop en dat was het mooie plaatsje Lier. Doordat we toch wat klammig waren geworden, waren we blij dat we in restaurant de Elzenhof even op temperatuur konden komen door het eten van een soepje van een dubieuze (mosterd!)kleur, wat overigens aan de smaak niets afdeed!
Na de lunch konden we nog even in het stadje vertoeven, maar zoals bij alle steden in de regen drong de schoonheid ervan minder door. Wel hebben we het Begijnhof bekeken; een prachtig bewaard gebleven 13e-eeuws dorpje op zich. Ook werd de beroemde jubelklok met een astronomisch uurwerk bewonderd. De regen begon toch steeds meer z‘n tol te eisen, zodat we al rap de bus weer opzochten.

De laatste etappe van deze dag was naar Berkel-Enschot, waar we de tuinen van mevrouw Goossenaerts (foto ->) zouden bezichtigen. Er ontstond een beetje verwarring over waar dat was, maar even later stonden we toch op het goede adres. Het was een tuin met voor elk wat wils, maar persoonlijk viel het mij een beetje tegen; mischien was ik wel zo vol van al dat moois dat m‘n harde schijf het niet meer kon opslaan.
Vervolgens werd na drie prachtige dagen met zowel natuur en cultuur de thuisreis ingezet. Om te voorkomen dat we met z‘n allen indutten, strooide Lindy nog maar even een pittig puzzeltje over de paus, een koning en een admiraal door de bus waardoor ik mij afvroeg of ik wel met een tuinclub op pad was! Gelukkig maakten de oplossingen al snel duidelijk dat dit een uitermate plezierig gezelschap was en is geweest tijdens deze drie voortreffelijk geregisseerde dagen die we gezellig hebben afgesloten onder het genot van een heerlijk chinees buffet.
Lindy en Ru hartelijk dank.


Inhoudsopgave

DE EEKHOF.

vrijdag 17 mei 2002
Verslag: Jan Walgemoed, Ambt Delden.

Vrijdag 17 mei jl verzamelden wij ons bij restaurant 'de Broeierd' voor de bezichtiging van de tuin van 'de Eekhof'. Paul van Tongeren begeleidde ons naar de achtertoegang tot het landgoed dat ongeveer tien jaar in het bezit is van de familie Schreur. Voorheen was de Eekhof met de Broeierd eigendom van de familie van Heek, de eigenaren van de textielfabrieken Schuttersveld, die de bekende manchesterstoffen fabriceerden. De Eekhof was toen ongeveer 5 hectare groot en bestond voor het grootste gedeelte uit woeste grond. De familie van Heek liet er in de dertiger jaren een landhuis bouwen. De oorspronkelijke toegang was een eikenlaan vanaf de Broeierd in de richting Hengelo. Door landschapsarchitect Tersteeg werd een nieuwe toegang vanaf de Hengelosestraat gepland en ook de aanleg van tuin en park ontworpen. De poort bij de Hengelosestraat gaf en geeft toegang tot het landhuis.

Enkele jaren geleden werd een gedeelte van de eikenlaan gerooid ten behoeve van de bouw van een kantoorflat. Daarvòòr was de verbinding tussen de Broeierd en de Eekhof al verbroken door de ontsluitingsweg van het Business and Sciencepark. Als compensatie werd een weiland ter grootte van ongeveer 2 ha., waarin een grote retentievijver werd gegraven, bij het landgoed gevoegd.
De heer van Tongeren, die de renovatie van park en tuin heeft verzorgd en in opdracht het (mede-)onderhoud uitvoert, vertelde ons op zijn humoristische wijze over de geschiedenis en de doelstellingen.

Wij werden geleid langs een gedeelte waar landbouw (weiland, roggeveldje, en voerakker voor het reewild) op natuurlijke wijze, zonder gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen wordt uitgeoefend. Via de vlinderhoek, bestaande uit een wandelweg met brede bermen langs een houtwal waarop vlinderminnende bloemen, planten en struiken zijn geplant, komt men in het loofhoutgedeelte. Vanaf de poort aan de Hengelosestraat wandelden we over de toegangsweg door het tuingedeelte met bloemperken en gazons waarop bijzondere boomsoorten waren bijgeplant, naar het landhuis. De terrassen, die in de stijl van het landhuis zijn gerenoveerd, geven mooie uitzichten en doorkijken in park en bloementuin. Via de bloementuin, omrand met bloeiende rododendrons, komt men bij de retentievijver met zachtglooiende met gras ingezaaide taluds, waarop groepen rododendrons, fruitbomen en nieuw aangelegde hout(geluid)wallen. Een bospad voerde ons vervolgens door het oorspronkelijke vliegdennenbos, dat als natuurbos wordt beheerd, naar het heideterrein. Hierop komen van nature nog voor de biotopen die kenmerkend zijn voor de drogere gedeelten: caluna (struikheide) en voor de nattere gedeelten: erica (dopheide). In dit laatste gedeelte ligt een ven dat in vroegere jaren is uitgediept tot zwemvijver.
We hebben kennis gemaakt met een landgoedpark waar natuurlijke flora en fauna hoog in het vaandel staan.

Tijdens en na de wandeling was Pluvius ons goed gezind. We konden zelfs na afloop buiten op het terras van de Broeierd in de zon napraten onder het genot van een kop koffie met krentenwegge. Nog niet uitgepraat namen we graag het drankje na voor eigen rekening.


Inhoudsopgave

DE NOORDOOSTPOLDER.

Woensdag 12 juni 2002
Verslag: Quinta van Limburg Stirum, Enschede.

Het eerste wonder van deze woensdagochtend 12 juni 2002 was dat we écht klokslag 8 uur vertrokken. Er was maar één persoon die op het laatste moment de bus in kwam rennen: de rest was keurig op tijd, zoals dat hoort met een schoolreisje zoals ook slecht slapen van tevoren en te vroeg bij het vertrekpunt arriveren.
De bus zat niet helemaal vol zodat de mensen die nu nog even wilden slapen zoals ik zelf, dat rustig konden doen. Het is wel gezellig met al dat opgewonden gebabbel om je heen en een beetje regen tegen de ruiten van de bus. De 'vaste' chauffeur van de Tuinkring, John, is een hele goeie, dus je kunt rustig gaan slapen.
Toen we in Giethoorn kwamen voor de eerste stop was het een beetje bibberig droog, maar de wandeling door dat gebied naar het restaurant met koffie én appelgebak, was ook met regen nog de moeite waard geweest. Iemand schreef: "die rust, alsof het voor ons was afgehuurd" en dat klopt.
Wat een schoonheid en wat een stilte, heerlijk om doorheen te lopen en daarna weer weg te mogen, want daar wonen lijkt me niks, dan is het weer te stil. Maar zo lekker met zo‘n 50 man ongegeneerd overal naar binnen kijken en commentaar geven op van alles is wel fijn om te doen.

Maar goed, de eerste tuin van de familie Poppema: half eigen, half Piet Boersma‘s ontwerp, was en is mooi. De tuin ligt rondom het huis, zodat ze verschillende 'kamers' konden maken: dat is zo handig van een tuin rondom je huis, je hebt dan van alles wat, schaduw, zon, bos enzovoort.
Zij hebben veel betonvlechtwerk gebruikt, misschien te, maar om b.v. een venkel, die toch wel twee meter hoog kan worden, overeind te houden, is het heel handig en natuurlijk ook voor alle andere klimplanten. Je kunt van dat betonvlechtwerk mooie smalle afscheidingen maken, op de hoogte die je zelf wilt en het verdwijnt uit het zicht te zijner tijd.
We zagen een schitterend witte rambler roos, de naam is iets met bruid erin, die over een gigantische pergola heen hangt.
De schaduwborder was net aangelegd, maar beloofde nog veel goeds.
De moestuin kon je van afstand al ruiken vanwege de uien. Die was netjes maar saai, nog niet klaar.
Aan één kant van het huis een moderne strenge vijver, mooi vlak voor het raam en dan uitlopend in de tuin en uitkijkend op de schaduwtuin. Aan de andere kant een 'ouderwetse' vijver, met een haag eromheen, dit alles voor de broodnodige rust. We zagen een enorm terras met een, wat mij betreft, te zware pergola, maar heel geschikt voor grote eetpartijen.
Ze hebben bamboestokken, die je al naar gelang het weer, als dak kunt gebruiken of eraf kunt halen: dat vond ik wel erg praktisch, maar of je zoiets vaak doet is de vraag.

Op naar de tuin van Elly Kloosterboer. Onderweg in de bus doet Lindy nog een poging de mensen eens van plaats te laten veranderen maar iedereen is uiterst tevreden met de plek waar hij/zij zit, dus weinig reactie. Je ziet en spreekt elkaar toch wel tijdens het lopen door de tuinen.
Op een grote open plek staat een zeer uitnodigende tafel met borden en drankjes voor ons klaar. Er waren natuurlijk weer mensen die de pinksterbrief niet goed gelezen hadden en dus geen lunchpakket voor zichzelf hadden, maar volgens mij kun je op zo‘n dag niet omkomen van de honger, als je die vergelijking al mag gebruiken.
Om alles wat soepeler te laten verlopen, gaat één groep eerst de tuin zien en dan lunchen en andersom.
De schuur naast de parkeerplaats stikt van de zwaluwnesten, leuk om die vogels zo druk heen en weer te zien vliegen.
De tuin is aan de voorkant aangelegd door, alweer, onze gastheer Piet Boersma. Met een verhoogde wal langs de weg, zodat je de auto‘s niet ziet.
De 'Monet-vijver' is fraai, je waant je op een totaal andere plek, mooi gedaan. Zelfs de zon begint te schijnen. Niet te erg want, zoals Piet al zei, met teveel zon komen de kleuren ook op foto‘s eigenlijk niet goed tot hun recht en dat is ook zo: zo‘n zacht zonnetje is precies wat we nodig hebben. Een beetje laat, want niet iedereen heeft gelijk door dat je planten kunt kopen, zit uiteindelijk iedereen met de hele handel in de bus.
We rijden door de polder, zo over de zeebodem, wat altijd een vreemde sensatie geeft. Maar deze is al in 1948 drooggelegd dus er zijn ook al aardig wat bosjes, vooral rondom de boerderijen, tegen de altijd maar waaiende wind.

De derde tuin van Lipkje Schat is op deze manier, met hagen, zeer fraai aangelegd. Ze vertelde dat ze oorspronkelijk alleen maar hagen was gaan planten tegen de wind, maar gaandeweg tot de ontdekking kwam dat je zo op een mooie en leuke manier ook 'kleurkamers' kon maken.
Nog weer later begreep ze dat dit nou 'tuinkamers' waren: ze had ze zelf uitgevonden zonder te weten dat anderen dat ook al gedaan hadden. Toch leuk! Achterin de tuin was een absoluut schitterende border in roze en paars met enorme rozenstruiken en echt alle soorten planten die je maar kon bedenken in datzelfde kleurenschema. Helaas was de border zo diep dat je de rozen niet kon ruiken, maar het was zo al een plaatje.
Vooraan de weg was een grasveld met echt grote ordinaire (mooi!) oranje/ geel/ abrikooskleurige Just Joey rozen en eromheen wit met geel en oranje planten. Ook was er een bospaadje, dit was overigens bij vrijwel elke tuin die we bezochten zo, met allerlei soorten planten die daar geschikt voor zijn.
Ook hier was weer van alles te koop. De zwijgzame man van Lipkje deed daar de zaken. Alles was keurig uitgestald met een duidelijke naam en beschrijving van de planten, slim.
Nadat we Lindy weer een beetje hadden moeten opjagen (die rol is anders voor Ru weggelegd, maar die was niet mee) gingen we weer op pad.
De ruimte onderin de bus was namelijk nog niet vol en dat moet wel, dus weer voort.

De vierde tuin van Wies Voesten is heel apart. Met verzamelen begonnen en dan ook echt van alle soorten ook nog verschillende variëteiten hebben, van alle rotsplanten meerdere soorten en ga zo maar door. Een enorme border met veel kleur, maar een beetje vreemd, die platte rotsplantjes, ze doen het daar prima. Alle bewoners van deze zeebodem zijn trouwens zeer blij met hun klei, alle planten groeien er goed op en worden zelfs extra groot, dus tevredenheid alom en dat mag ook wel in die grote eenzaamheid lijkt mij.
Naast het huis waren de hosta‘s, lekker in de schaduw, en rondom een vijvertje midden in het grasveld waren allerlei soorten roodbladige planten, mooi. Op dit grasveld is een groepsfoto gemaakt. Ook Truus had helemaal geen tijd om op de foto te gaan, er moest ingekocht worden! Die foto zien we vast nog een een keer. Een groot deel van Wies‘ grond wordt gebruikt voor het kweken en verkopen van planten. Er waren 3 man voor nodig om de kooplustigen onder ons van dienst te zijn. Je wijst een plant aan die je mooi vindt en dan krijg je daar een enorme pol van mee, dit alles voor slechts 2.50 euro per plant!
Er was een kruiwagen nodig om de bus vol te krijgen en dat is ook aardig goed gelukt.

Het weer was nu echt schitterend, droog en fris, het is nu 17.00 uur. Op naar Urk waar we zouden gaan eten, een spannende bustocht door dit voor een bus veel te kleine plaatsje. Klein schrammetje opgelopen, maar dat ging in het grote zomeronderhoud wel weer weg, vertelde John, dus geen zorg.
Het eten in een visrestaurant aan de haven met een mooi uitzicht over de zee was ook prima geregeld en heerlijk. Iemand liet weten dat zijn 'kiptafel' zo leuk was: zo zie je maar weer hoe iedereen verschillend kan genieten.
Na dit eten zijn we nog langs Schokland gereden. Het museum was al gesloten, maar je kreeg toch een aardige indruk van het voormalige eiland. Helaas was er geen tijd meer om aan de andere kant van de weg de oude haven nog te gaan bekijken, maar dat moeten we dan zelf maar een keer doen.
Op de terugreis hebben we halverwege Piet weer uitgelaten. Er gingen nog informatie- en evaluatiepapieren rond, zodat iedereen zijn wensen en dankbaarheden kenbaar kon maken.
Volgens mij was iedereen zeer voldaan na deze dag en er zijn vast weer nieuwe leden bijgekomen, bij de 'Tuinkring Twente'.


Inhoudsopgave

EUREGIOTOCHT.

Vrijdag 28 juni 2002
Verslag: Marjon Kok, Haaksbergen.

Het zou zonnig moeten zijn. Maar uitgerekend op deze vrijdag -eind juni - valt af en toe de regen met bakken uit de hemel. Als we (nog droog) aankomen bij de boerderij van Lucie en Don in Gildehaus bij Bad Bentheim -de eerste stop van deze dag- heeft Lucie een geruststellende mededeling. Het mag vandaag misschien slecht zijn, dat blijft niet zo, weet zij. 'Gisteren was de dag die het weer voor zes weken lang voorspelde. En toen was het heerlijk.' Ze heeft het nagevraagd bij een Duitse dame die het weten kan.
De boerderij en de tuin van Lucie en Don ligt als een oase in de troosteloze omgeving. De weg er naar toe verraadt niet dat daar, drie afslagen verder, een prachtig stuk grond ligt. De omgeving is niet erg aantrekkelijk. Kale weiden, ronduit lelijke 'Duitse' huizen verspreid over het landschap. Wonen ze hier ?
Lucie lacht. Zij kan zich die reactie best voorstellen. 'Toen Don mij zeven jaar geleden hier mee naar toe nam omdat hij de boerderij wilde kopen, zag ik er helemaal niets in. Het huis had jarenlang leeg gestaan en van een tuin was geen sprake. Het gras om de boerderij stond huizenhoog. Alles was verwaarloosd. De wind had vrij spel. Het zag er niet uit!' Lucie heeft foto‘s neergelegd als bewijs daarvan. En dat is maar goed ook. Want nu, bijna zeven jaar later, is het niet te geloven dat er ooit koeien stonden op de plek waar nu twee gezellige banken rond een hardstenen haard staan.
We mogen overal kijken. In de grote huiskamer -vroeger een stal-, de donkerrode eetkamer en de aangrenzende bibliotheek, die diepgroen is geschilderd. De openslaande deuren in de eetkamer leiden naar het overdekte terras, vanwaar je zo de tuin kunt inlopen.
De tuin is door middel van hagen ingedeeld in 'kamers'. Maar het weidse uitzicht is gebleven, ondanks de tientallen (kastanje-)bomen die Lucie al heeft geplant. 'Ik heb jarenlang bomen voor mijn verjaardag gevraagd. Hagen en bomen waren noodzakelijk om de wind te breken', vertelt ze. 'Het kan hier lelijk waaien'. En regenen, merken we als Lucie ons de tuin laat zien. Het overdekte terras biedt uitkomst.
De regen laat niet toe dat we veel zien van de tuin. Maar het verhaal over hoe Lucie en Don de verwaarloosde boerderij en zijn omgeving omtoverden tot een echt paradijs, is ook de moeite waard. Ze hebben alles -met wat hulp natuurlijk- zelf gedaan. Don: 'We zijn hier ingetrokken toen de verbouwing nog moest beginnen. Daardoor konden we alles precies zo doen als we wilden. Je moet er gewoon bij zijn, anders gaat het mis.'
Don en Lucie hebben tijdens de verbouwing bewezen dat zij een goed team vormen. 'Ons geheim? We doen het echt samen. Ik deel in, Lucie vult in. Dat geldt voor zowel het huis als de tuin. Ik maak de structuur, Lucie doet de borders.'
Helemaal af is het nog niet. Onlangs schilderde Lucie de bibliotheek opnieuw en kregen de buitenmuren van de stallen een andere kleur: aubergine-zwart. 'Daarmee wilden we de lange roodstenen muur wat breken', verklaart Lucie, die net een kleur-adviesbureau is begonnen. En links voor de entree, is nog niet zo lang geleden een klein terras aangelegd. 'Die plek is 's morgens heerlijk om te ontbijten', vertelt Lucie. Nu nog is het heuphoge betongaas te zien. Maar over een jaar -als de klimop flink is gegroeid- zal de afscheiding groen zijn, net als de rest van de tuin die over een tijdje absoluut weer op de agenda van Tuinkring Twente moet komen te staan. Het liefst op een zonovergoten dag in juni, als de rozen èn de hosta‘s overvloedig bloeien.

De tweede tuin waar we naar toe rijden is van Maria Leuschner in Emsbüren. Een totaal andere tuin, een compleet ander huis. Hoogteverschillen bepalen het beeld. Vanaf het terras voor de woonkamer is het uitzicht prachtig. Een grote vijver overheerst. Door spannende paadjes lopen we langs planten en bloemen. Hier is over nagedacht. Prachtig, maar je moet ervan houden. Het doet veel meer 'aangelegd' aan dan de tuin van Lucie en Don.
Op naar Ochtrup, voor aspergessoep (met roomboter en suiker) en weer een bezoek aan tuin en huis Welbergen dat net geen kasteel mag heten, met een Nederlandse geschiedenis. Bertha Jordaan - van Heek kocht het geheel en bracht het onder in een stichting, die ervoor zorgt dat zelfs het servies nog regelmatig gebruikt kan worden. De beheerster, tevens bewoonster, leidt ons langs schilderijen en historische meubels. Door de tuinen vliegen we bijna, vanwege de tijd en de regen, langs buxushaagjes die witte en roze rozen omkaderen. Op naar Steinfurt, naar de rozentuin, met een kersenboom die zich gewillig laat plukken.
De leertuin -Kreislehrgarten- inspireert vervolgens. Een medetuinbezoekster plukt stiekem -'ik weet het: het mag niet'- een takje van de bijzondere fuchsia die bij haar het loodje heeft gelegd. Haar dag is weer goed.
Op een etagère staan tientallen verschillende soorten munt in potten. Hier moeten we nog eens heen. Om plantensoorten te leren kennen die we absoluut in de tuin moeten hebben. En dat kan makkelijk, want bij bijna iedere plant staat een bordje met daarop de naam. Wie bijvoorbeeld een perenboom wil aanschaffen, moet eerst naar de Kreislehrgarten in Steinfurt.

Veel tijd is er niet over. Het Bagno, vanwaar we prachtig hadden kunnen wandelen naar het nabijgelegen slot, laten we letterlijk links liggen.
We drinken een drankje in een herberg voordat de bus ons weer terugbrengt naar de tuinen van Jan Boomkamp, waar de reis ook begon. Zalm, salades en gesprekken besluiten de dag. En regen! Onze vertrouwde metgezel op deze late junidag.


Inhoudsopgave

HET 'BOLLENCABARET'.

zaterdag 7 september 2002
Verslag: Bouke Veltman, Neede.

Deze bijeenkomst over bollen vindt plaats in een ruime zaal, te groot zeggen sommigen, lekker ruim melden anderen.
Bij de opening en introductie door Lindy vertelt zij dat Rita alleen deze dag - zaterdag avond - nog kon. Welke avond dan ook: Er zijn veel leden.
Lindy meldt nog dat iedereen die vanavond € 5.- betaalt, in december bij de Kerstbriefing zijn of haar lidmaatschapskaart er bij krijgt.

De avond bestaat uit twee delen van elk drie kwartier. Rita haalt een evenement aan waar Piet Oudolf een rol speelde. Ze zegt dat het goed is "te spelen met bollen". Bollenkwekers spreken over bollen sec. Rita praat over struiken, bomen, vaste planten EN bollen. "Maar", zegt Rita: "dat is ook geen wonder, want in de bollenteelt is de afgelopen 55 jaar nog niets veranderd".

Gebruik met bollen het sandwich-systeem. Dat doe je in drie lagen. Eerst de grootste, dan de kleine, dan de kleinsten, bovenop dus. Bollen houden niet van natte voeten, let daar op. Tulpen combineert ze met oude wijfjes, ze houden van droog, kalk en laten zitten. Dieprode tulpen kan je uitstekend met Judaspenning laten samen gaan. North Yorkshine met Hosta's, Vergeet mij-nietjes, Tulpen. Schitterend.
Narcissen houden van water. Zet ze 15 cm diep. Alle bollen houden van zon, behalve sneeuwklokjes en narcissen. Overigens is Scheeboer in Bovenkarspel een goed adres voor Wildvang gereedschap.
Als narcissen te hoog staan vliegt de narcisvlieg er zo maar in!! Er is ook iets met Narcissen die je op 45½ º moet koken! Hoe dat precies zit is me ontschoten. Sneeuwklokjes kan je het beste in februari/maart kopen, groen en wel. Verplant ze na de bloei, 10 cm grond er op en in de schaduw. Knip narcissen en bollen niet af. De bol groeit nl. van licht water EN blad. Oude wijfjes kan je combineren met blauwe druifjes.
Dan komt er een reeks van namen in een razend tempo. Het gaat om combinaties o.a.: krokus als 1e, knolooievaarsbek als 2e, trommelstokjes als 3e. Dan ook nog: blauwe druifjes, sieruien, bosanemonen, nemerosa nestal. Poot ze 7 cm diep, beetje schaduw.

Rood tuinieren is nog steeds in. Wie had dat 8 jaar geleden gedacht! Zet rode anemonen tussen de Heuchera. Koop nooit iets wat maar een keer mooi is! (Schitterend advies). Zet rood in de felle zon met oranje en bruin. Zet er geen blauw bij dan blus je en dan wordt het koud.
Als je anemonen in oktober plant bloeien ze in februari/maart. Als je ze in februari/maart plant bloeien ze in mei/juni. Dus poot ze 10 à 12 weken voor je ze wilt laten bloeien (als de natuur aan je Wil meewerkt tenminste). Nog een paar kleuradviezen: Lila met blauw. Vogelmelk met tulpen.
Stikstof geeft veel blad. Ornithoculum, Amaryllis op Zuid laten staan. Herfst-krokussen, kan je ook nemen, naald van Cleopatra, heet Taluds uit de Himalaya. Meiklokje samen met lenteklokje gaat na het 2e jaar ECHT. Digolestella uit Californie waar ze 9 klimaatstroken hebben. Cyclamen houden van schaduw. Zet waterlelie tussen narcissen. Waltynia kom je tegen op parkeerterreinen en rotondes. Colgicum met narcissen kan ook. Herfstbloeiende krokus past tussen Stachus.

Pauze, om veel en snel te kopen.

Na de pauze gaat Rita onverdroten door, alsof ze het voor het eerst doet. Omdat ik niet zo'n namen-kenner ben is mij veel ontgaan. Ik schat dat de meeste aanwezigen nog precies weten waar ze het over had.
De Egyptische boomui is lekker, mooi en decoratief (het decoratieve houdt op als ze op is). Stippitatum (ui) past tussen vingerhoedskruid. Doet het ook goed op kerkhoven (ze praat wel erg nadrukkelijk over onze toekomst). Allium unifolium tussen blauwe druifjes. Allium Friquetum voor de slootkant.
Toen kwam er iets over Erica, Flora en Fauna, maar wat was dat nou toch? Lelies kan je combineren met hosta's, niet te droog en diep planten. Zorg wel dat je de leliehaantjes weg haalt. Liathrus met trommelstokjes, blauw, hoewel ze zijn na drie jaar weg.
Hosta's en parnassia. Gladiolen kan je tot ½ juli planten vanaf ½ maart (toedekken). Dan heb je de hele zomer gladiolen. Denk eens aan de Dahlia Cafe Olet en doe er iets mee. Er zijn veel variëteiten. Purperen Heuchera's. Iris cyclogassa, droog, zonnig niet zo mooi, wel leuk bij grijs. Jan op de preekstoel past goed in vochtige bosranden. Arisema's diep planten: 20 cm grond erop.

En toen was het ineens voorbij! Het was een genoegen om er naar te luisteren. Rita beschikt over onmenselijk veel interessante informatie en combinatie-kennis. Als beginneling sprak het mij erg aan. Deze tekst moet u misschien met een korrel zout nemen. Hooguit haalt ze de herinnering terug.


Terugblik op de avond van 7 sept. 2002.

door Rita van der Zalm.

Het komt niet veel voor dat een verslag over een lezing door de spreker zelf wordt vervaardigd! Voor deze bizondere avond echter gelden bizondere regels. Als spreker met 20 jaar ervaring moet ik zeggen dat zelden een avond zo goed en grondig werd voorbereid als die in Haaksbergen.
Vanaf het eerste informatieve telefoontje via faxen en nog meer telefoontjes ter bevestiging en herinnering kon het niet anders dan dat de avond een succes zou worden.
Na een enerverende reis vanuit Noordwijk en een zeer drukke verkoopdag bij de bekende kwekers en tuinontwerpers Piet en Anja Oudolf te Hummelo werd in gezelschap van Carla Teune, de hortulanus van de Botanische Tuin in Leiden de reis naar Haaksbergen ondernomen.
Voor een spreker was de lokatie ideaal. Een keurige ontvangst door het bestuur, behulpzame handen bij het uitladen van meegebrachte bollen, een aparte meneer voor het installeren van scherm, microfoon en de verzorging van de belichting en bovenal de oplopende theaterzaal maakte het geven van de lezing uitzonderlijk prettig. Volgens een mij toegestuurd geestig verslag van de heer Bouke Veltman had het aantal toehoorders wellicht iets groter kunnen zijn, nu kwam de zaal volgens enkele aanwezigen wel erg ruim over.
De nabijheid van een internationaal vermaarde kwekerij als die van Oudolf en de aanwezigheid van zoveel mooie tuinen in Twente gaven mij de indruk dat mijn 'gehoor' zeer deskundig was en ik strooide dus onbekommerd met Latijnse namen zonder welke de éne bol niet van de andere is te onderscheiden.
Als onderliggende boodschap was in de lezing verweven: durf te spelen met bloembollen, combineer ze met éénjarigen en vaste planten.
Anders dan bij 'de mannen in het vak', de bollenkwekers, ben ik van mening dat bollen alleen toegevoegd moeten worden, zij kunnen nooit de hoofdrol spelen zoals op de Keukenhof.
Het sandwichsysteem is heel bruikbaar, hiertoe worden drie of meer soorten bollen -en dat kunnen voorjaarsbloeiers, zomerbloeiers of herfstbloeiers zijn- over en door elkaar heen geplant zodat er bloei is van februari tot november. De grootste bollen worden eerst geplant en bestrooid met tuingrond, daarop komen de kleinere bollen.
Een voorbeeld: tussen de in het voorjaar rood opkomende neuzen van pioenrozen passen uitstekend roze sneeuwroem, blauwe druifjes en/of Anemone blanda.
Verdeel tulpenbollen over een perk vergeet-mij-nieten, primula's of muurbloemen, durf luchtig te planten. Een zak tulpen- of narcissenbollen in één plantgat storten geeft maar één jaar bloemen en de door ruimte- en lichtgebrek slappe bloemstelen zullen snel omvallen.
De dia met over een plek Hosta's gezaaide vergeet-mij-nieten waarin heel ruim crêmekleurige tulpen waren geplant gaf aanleiding tot veel reakties en navolging. De Hostaplek was nu weken eerder aantrekkelijk.
Bollen houden niet van natte voeten, maar narcissen willen diep geplant worden, minstens 15 cm grond òp de bol. Plant gedurende het seizoen meerdere keren gladiolen of anemonen: met tussenpozen dus voor voortdurende bloei tot in oktober. Anemone coronaria, abusievelijk wel 'de Caen' genoemd want hiermee worden gemengde kleuren aangeduid, is overigens mede door mij als jury-lid, gekozen tot Zomerbol van het jaar 2003. Andere juryleden zijn o.a. Modeste Herwig en Romke van de Kaa. Geniet deze zomer dus van rode Anemonen coronaria 'Hollandia', hardblauwe 'Mr. Fokker', felpaarse 'Sylphide' en de populaire witte 'Bride'. Deze gekroonde windbloemen gedijen op iedere niet te droge plaats en in bloembakken.
Bij het planten van grote hoeveelheden bollen is goed gereedschap ideaal. Gun uzelf een speciale bollenplanter van bijvoorbeeld Sneeboer uit Bovenkarspel met dealeradressen in het hele land.

Lelies en Hosta's zijn elkaars beste vrienden vanwege de koele voet die Hosta de lelie kan bieden. Begin tijdig met het wegvangen van de oranje leliehaantjes, inspecteer al eind februari!

Vaste planten als purperbladige Heuchera's staan schitterend tussen voorjaars- en zomerbloeiende bollen. Eucomis met Heuchera en Pruikenboom is een plaatje in augustus en september. Strooi er voor het voorjaar rose of purperen tulpen tussen. Ook dahlia's als de zwartrode 'Chat Noir' en de caramelkleurige 'Café au Lait' komen mooi uit bij Heuchera's waarvan in de catalogi veel soorten en bladvormen worden aangeboden.

In de pauze werden vooral de Alliums (sieruien) veel verkocht. Ik ben nieuwsgierig naar uw ervaringen met bijvoorbeeld de zeer grootbloemige Allium 'Globemaster', violetrose met wel 1400 bloemen in de bolvormige bloeiwijze die half juni bloeit tussen rozen, baardirissen en Geraniums.

Heeft u belangstelling voor de zomer- èn de najaarscatalogus? Maak dan éénmalig 5 euro over op giro 9027981 tnv Rita vd Zalm te Noordwijk en u ontvangt in februari en augustus het boekje vol niet alledaagse bloembollen.
Ik hoop u nog eens terug te zien bij een lezing over zomerbloeiers als Eucomis, Goltonia en Rhodohypoxis!


Terug Inhoudsopgave